'De een ligt onder een vergrootglas, de ander veel minder'

dinsdag, 24 maart 2026 (10:10) - Schaatsen.nl

In dit artikel:

Kunstschaatser Niki Wories (29) keert na een decennium terug op het wereldkampioenschap: komende woensdag staat ze in Praag aan de start van het korte programma. Terwijl ze in Breda traint, wisselen mooie runs zich af met harde vallen; de sessie toont zowel haar veerkracht als de grilligheid van de sport. Wories wil vooral genieten tijdens het WK, maar tegelijkertijd hoopt ze dat de jury dit seizoen eindelijk de punten toekent die zij vindt dat ze waard is.

Wories blikt terug op een onregelmatig carrièrepad sinds haar eerste WK‑finale in 2016, toen ze als 19‑jarige indruk maakte. Van de toenmalige 38 deelnemers is zij de enige die in maart 2026 nog meedoet. Het afgelopen seizoen beoordeelt ze als redelijk tevreden, ondanks teleurstellingen: ze miste een laatste kans op kwalificatie voor de Olympische Spelen van Milaan en reisde in september 2025 naar Beijing voor een herkansing, die uiteindelijk “een complete afgang” bleek. Die ervaring heeft haar mentaal gevormd; de angst voor hetzelfde falen zat nog in haar hoofd tijdens het EK in Sheffield, waar ze een foutloze korte kür reed maar desalniettemin niet doorging.

Centraal in Wories’ verhaal staat kritiek op het jureren. Ze voelt zich herhaaldelijk benadeeld: dezelfde uitvoering levert het ene moment de verwachte score op, het volgende seizoen tien punten minder. Volgens haar is het beoordelingsproces te afhankelijk van menselijke indrukken, volgorde van optreden en soms willekeur. Ze wijst erop dat schaatsers later in de wedstrijd vaak hoger worden gewaardeerd dan degenen die vroeg rijden, ondanks vergelijkbare prestaties. Dat ondermijnt volgens haar de eerlijkheid: een underdog kan volgens haar zelden écht winnen omdat reputatie en timing meewegen.

Wories pleit voor meer objectivering in de sport. Ze stelt praktische hulpmiddelen voor, zoals transponders om rotaties van sprongen exact vast te leggen — vergelijkbaar met timingapparatuur in langebaan en shorttrack — en ziet een rol voor AI bij het ondersteunen van technische vaststellingen. Tegelijkertijd erkent ze dat esthetiek en uitvoering subjectief zullen blijven; wie bepaalt “mooi” blijft mensenwerk. Als tussenoplossing stelt ze een experiment voor met twee jurypanelen: een panel dat live beoordeelt en een tweede panel dat anoniem achteraf video’s beoordeelt om te zien of die uitkomsten verschillen.

Die frustraties weerhouden haar niet van doorgaan. Wories benadrukt dat ze nog steeds van de sport geniet en energie haalt uit overwinningen zoals de NRW Trophy en het Nederlands kampioenschap. Ze overweegt niet serieus te stoppen, al bekent ze dat ze soms denkt dat ze misschien beter in een andere ijssport had gepast, zoals shorttrack. Desondanks is ze al ruim twintig jaar verbonden aan het kunstschaatsen en wil ze in Praag een zuivere, verfijnde korte kür laten zien — zonder te veel stil te staan bij jurering en politiek.

Samengevat: Niki Wories keert terug op het WK met een mix van sportieve ambitie en kritische reflectie op de jurering in kunstschaatsen. Ze toont veerkracht na seizoenen van teleurstelling, pleit voor technologische hulpmiddelen en meer objectiviteit en blijft streven naar sportieve prestaties, met als primaire doel dit seizoen vooral te genieten en zo eerlijk mogelijk beoordeeld te worden.