De gouden handen van Heerenveen
In dit artikel:
In Heerenveen is Wilma Schellingerhoudt (66) al bijna twintig jaar een onmisbare schakel achter de successen van Nederlandse sporters. Als sportmasseur werkt ze dagelijks bij Thialf en daarbuiten met schaatsers, shorttrackers, turners, judoka’s en recreanten. Haar telefoon staat continu aan: atleten bellen buiten kantooruren, soms midden in de nacht, en Wilma schuift regelmatig haar agenda om een behandeling mogelijk te maken voor een belangrijke training of wedstrijd.
Haar werkwijze is verre van wellness: kleine, kordate handen die hard werken om strakke spieren en verklevingen in fascia en pezen los te krijgen. Op drukke dagen behandelt ze 16 tot 20 sporters — en dat vraagt veel kracht, zeker bij topschaatsers met zware bovenbenen en dikke bilspieren. Een terugkerend probleem dat ze noemt is een strakke piriformis, diep onder de grote bilspier; volgens haar moet een goede spier soepel aanvoelen, niet als beton. Ze werkt bijna uitsluitend met haar handen en duimen; ellebogen gebruikt ze zelden omdat die minder feedback geven. Na naar schatting zo’n twintigduizend behandelingen scant ze vaak vrijwel direct de pijnplek en verhelpt die in een vloeiende beweging.
Haar loopbaan begon anders: opgeleid als verpleegkundige, later werkzaam in de reclame, tot de geboorte van haar dochter haar op babymassage bracht. Wat aanvankelijk sceptisch begon, groeide uit tot een passie voor bewegingsleer en herstel. Ze volgde opleidingen en verdiepte zich in bindweefsel en peesproblematiek, vergelijkend met hoe continu aan een Formule 1-auto wordt gesleuteld: topatleten hebben voortdurende aandacht nodig.
Naast het fysieke is Wilma ook een vertrouwenspersoon. Sporters liggen uren op haar tafel; gesprekken gaan vaak over trainers, relaties, onzekerheden en prestatiedruk. Ze biedt zowel een luisterend oor als de nodige professionele afstand. Voor veel atleten is ze een vaste schakel in de voorbereiding: ze kent trainingsschema’s, reistijden en stemmingen en past haar inzet daarop aan.
Een opvallend aspect van haar vakmanschap is dat ze vrijwel blind is aan één oog en nog maar dertig procent ziet met het andere. Dat compenseert ze met een buitengewoon ontwikkeld tastgevoel; ze herkent renners en schaatsers eerder aan houding dan aan gezichten en zegt dat haar beperkte zicht haar misschien juist scherper in voelen heeft gemaakt.
Belangrijker dan spieren en materiaal vindt Wilma de mentale kant van de sport. “Winnen doe je tussen je oren”, benadrukt ze: talent gecombineerd met mentale overtuiging is wat grote prestaties mogelijk maakt. Ze heeft successen van dichtbij meegemaakt, zoals Jutta Leerdams olympische goud — een prestatie die haar emotioneel raakte en die ze thuis intens meebeleefde.
Na jaren in de topsport blijft ze leergierig en betrokken. De voldoening haalt ze uit het millimetertje dat zij soms bijdraagt aan iemands overwinning of herstel — dat voelt voor haar als goud waard.
Vandaag Inside Oranje: René van der Gijp lacht om opmerkelijk nieuws over Liverpool en Slot? ‘Waarom?!’