Een stille kracht achter TeamNL Shorttrack
In dit artikel:
Menno Schaafsma vormt al zeventien jaar de stille pijler achter TeamNL Shorttrack. Sinds zijn eerste betrokkenheid rond de Olympische Spelen van Vancouver (2010) groeide zijn rol van periodieke samenwerkingspartner uit tot de langstzittende fysiotherapeut binnen de staf; hij werkte inmiddels onder drie bondscoaches en begeleidde meerdere generaties schaatsers bij herstel en preventie van blessures.
Schaafsma valt binnen de ploeg op door zijn combinatie van vakkennis en menselijke aanpak. Hij noemt zichzelf empathisch en nuchter en bouwde in de loop der jaren veel vertrouwen op bij atleten, zowel tijdens successen als in moeilijke periodes. Die persoonlijke band voelt hij sterk: “Als ik langs de baan sta bij een relay, gaat mijn hartslag nog steeds omhoog,” zegt hij over de emotie rond topprestaties. Naast de glansmomenten — zoals de zeven Nederlandse shorttrackmedailles afgelopen winter en de drie olympische titels van Jens van ’t Wout — blijven ook ingrijpende gebeurtenissen hem bij, bijvoorbeeld het herstel van Sjinkie Knegt na zijn ernstige brandwondenongeval in 2019 en het overlijden van Lara van Ruijven in 2020.
Functioneel werkt Schaafsma zowel curatief als preventief. Door jarenlange samenwerking met dezelfde groep schaatsers ontwikkelde hij een scherp vermogen om terugkerende patronen te herkennen; liesklachten vormden lange tijd een bekend probleem binnen het team. Daarmee stuurde hij mee aan aanpassingen in trainingsprogramma’s, krachttraining en de benadering van belastbaarheid. Een belangrijke nuance die hij steeds benadrukt: klachten ontstaan niet altijd door overbelasting; onderbelasting en onvoldoende wedstrijdvoorbereiding kunnen evenzeer leiden tot problemen wanneer een atleet plots veel starts moet volbrengen.
De organisatie rond shorttrack professionaliseerde zichtbaar: waar vroeger een klein team op pad ging, reist nu een uitgebreide staf mee met meerdere fysiotherapeuten, sportartsen, voedingskundigen en analisten. Schaafsma ziet die ontwikkeling als logisch, al vraagt het meer communicatie en vastlegging.
Zijn blik is toekomstgericht. Hij pleit voor verdere professionalisering en hoopt op een nationale shorttrack-accommodatie waarin ijs, krachttraining, medische begeleiding en analyses samenkomen. Op 13 juni deelt hij zijn kennis praktisch tijdens het Schaatstrainerscongres op Papendal, met oefeningen en inzichten over blessurepreventie. Zijn kernboodschap: hard trainen is essentieel, maar slim trainen maakt het verschil — en die filosofie bepaalt zijn inzet voor de sport en de volgende generatie.