Pupillen laten zien hoe waardevol ANS kan zijn
In dit artikel:
De Algemene Nederlandse Schaatstijd (ANS), ingevoerd in maart 2025, blijkt in de praktijk een flinke stap richting eerlijkere en meer toegankelijke schaatscompetities. De ANS is een correctiefactor die klokkende tijden op verschillende ijsbanen onderling vergelijkbaar maakt; ontwikkeld door de KNSB samen met de Jheronimus Academy of Data Science, Innovatielab Thialf en IT-partner Qualogy. Doel: meer plezier en kansengelijkheid op alle banen en minder noodzaak om naar ‘snelle’ ijsbanen zoals Thialf in Heerenveen te reizen om een PR of kwalificatietijd te behalen.
Het Nederlands Pupillentoernooi (NPT) voor 10- tot 13-jarigen, gehouden in februari 2026, gebruikte ANS voor het eerst als selectie-instrument. Elke baan mocht op basis van ANS-tijden zijn snelste rijders afvaardigen en het deelnemersveld werd aangevuld vanuit de nationale ANS-ranglijsten. Resultaat: 168 deelnemers uit het hele land, wat aangeeft dat ook schaatsers uit steden die eerder zelden op NPT verschenen nu meedoen. Tijdens het toernooi werden 177 persoonlijke records en twee toernooirecords genoteerd.
Praktische effecten: deelname op thuisbanen nam in de aanloop naar het NPT gemiddeld met 2 procent toe; Thialf zag juist iets minder starts van buitenstaanders, maar bleef goed gevuld en kende zelfs een lichte stijging van 1 procent in starts, vermoedelijk doordat meer Friese rijders nu kansen krijgen. De ANS vermindert onnodige reiskilometers, wat zowel ouders als de bezetting en sfeer op regionale wedstrijden ten goede komt. Organisatoren meldden ook dat nationale ANS-ranglijsten nu niet meer worden gedomineerd door Thialf-tijden; topscores verschijnen vaker op de juiste baan en bij belangrijke evenementen elders.
De KNSB en betrokkenen zijn enthousiast. Het NPT wil ANS ook volgend seizoen weer inzetten; de sectie langebaan overweegt uitbreiding naar andere categorieën (masters, junioren), maar daar zijn nog geen besluiten over genomen. Projectleider Wouter van der Ploeg ziet ANS als middel om deelname laagdrempeliger te maken en selectieprocedures eerlijker te organiseren, waardoor rijders minder structureel naar snelle banen hoeven te reizen.
Toekomstige stappen: er wordt gewerkt aan een zelflerend AI-model dat actuele weersomstandigheden (wind, luchtdruk, neerslag, temperatuur, luchtvochtigheid) meeneemt in de correctie. Dat is technisch uitdagend en moet naast verbetering ook goed uitlegbaar blijven. Daarnaast komt er een dashboard voor licentiehouders gebaseerd op ANS-tijden, waarmee schaatsers hun seizoenontwikkeling en piekmomenten kunnen volgen. Een landelijk ‘virtueel’ evenement over meerdere banen wordt genoemd als mogelijkheid, maar kalenders en organisatie maken zo’n stunt complex; voorlopig ligt de focus op doorontwikkeling van de correctiefactor en breder gebruik als selectie-instrument.