Ragne Wiklund: 'Wij vrouwen begrijpen elkaar'
In dit artikel:
Ragne Wiklund keert met een bijzondere oogst terug van de Olympische Spelen in Milaan: drie individuele medailles in drie afstanden — zilver op de 1500 m en 3000 m, brons op de 5000 m — telkens maar een paar honderdsten van het goud. Een paar dagen voor het WK Allround stond ze woensdag in Thialf, nog zichtbaar moe van de intensieve periode. “Ik ben nog moe van de Spelen,” zegt ze, en ze geeft aan dat ze zowel fysiek als mentaal tijd nodig heeft om volledig te herstellen.
Wiklund had vooraf alleen op één medaille gehoopt; dat het er drie zouden worden, kwam voor haar als een aangename verrassing. Haar seizoen was al sterk — Europees kampioen op de 1500 en 3000 m en regelmatig op het World Cup-podium — maar de Olympische Spelen zijn onvoorspelbaar. Daarom koos ze voor een mindful benadering: genieten van de ervaring en niet te veel laten bepalen door verwachtingen of uitslagen. Voor haar is een olympische deelname meer dan een statische uitslag; ze wil dat het resultaat niet allesbepalend is voor hoe ze terugkijkt op die weken.
De druk vanuit Noorwegen speelde wel mee: de Spelen zijn daar groot nieuws en ze wilde iets teruggeven aan de fans. De kleine marges in de beslissende races vielen op — op de 1500 m zat ze slechts 0,06 seconde achter Francesca Lollobrigida, en op de 5000 m lag het verschil met de nummers één en twee in honderdsten. Wiklund ziet die krappe finishes als inherent aan de sport en houdt vol dat zulke verschillen ook volgend seizoen haar kant op kunnen vallen.
Opvallend tijdens de huldigingen was haar sportieve houding: terwijl sommige andere medaillewinnaars teleurgesteld of emotioneel waren, stond Wiklund vrolijk en genoot ze van het moment, ook voor haar concurrenten. Ze noemt het eerlijke podium en complimenteert onder anderen Antoinette Rijpma-de Jong.
Een belangrijk deel van haar positieve blik komt voort uit de vriendschappelijke sfeer binnen het langeafstandsschaatsen. De vrouwen op het circuit kennen en steunen elkaar — ze reizen samen, leiden vergelijkbare levens en begrijpen elkaars spanning en zenuwen beter dan vaak vrienden thuis kunnen. Namen die ze noemt als vaste gezichten zijn Martina Sáblíková, Antoinette Rijpma-de Jong en Joy Beune; met sommigen strijdt ze al sinds haar juniorentijd en noemt hen inmiddels vriendinnen.
Tegelijk blijft ze realistisch richting het WK Allround. Ze voelt “kriebels” voor de 500 m, een afstand die haar weinig ligt — “om eerlijk te zijn: ik haat de 500 meter” — en waarin ze extra nerveus is. Haar beste WK Allround-klassering is tot nu toe vierde; een podiumplek is mogelijk maar lastig. Na de Spelen nam ze bewust afstand: terug naar Oslo, skiën, hardlopen met haar hond en tijd met familie en vrienden om op te laden. Met die balans en een brede glimlach wil ze het seizoen afsluiten tussen de collega’s en rivalen waar ze dit jaar vaak naast het podium stond.