Sophie Exterkate: van handbaltalent naar WK-goud op ijs
In dit artikel:
Sophie Exterkate ruilde een veelbelovende handballoopbaan in voor de schaatssport en boekte in korte tijd opvallende successen. Als tiener was ze een toptalent in het handbal: lid van de HandbalAcademie op Papendal, speler bij landskampioen VOC uit Amsterdam en selectie-speelster van Oranje bij jeugdtoernooien (waarbij ze op de Jeugd Olympische Spelen 18 goals in vier wedstrijden maakte). Meerdere knieblessures en het gevoel dat herstel belangrijker was dan spelen deden haar twijfelen over dóórgaan in de zaal.
Vanaf haar achtste had Exterkate al schaatservaring en zij miste vooral de zware, intensieve trainingen op het ijs; die hardheid vond ze niet terug in de zaal. Op advies van haar ouders kreeg ze uiteindelijk een seizoen de ruimte om alles op schaatsen te zetten. Ze meldde zich niet voorzichtig aan: na contact met oude coaches en een gesprek met talentencoach Jan Coopmans van KNSB Talent Team Midden-Oost wilde zij meteen op hoog niveau instappen. Om een vaste plek te krijgen moest ze eerst bewijzen dat haar conditie en techniek voldoende waren — een test die bestond uit een 3 km onder de 4.25 — waarna ze aan mocht sluiten bij het KTT.
Binnen een jaar na haar rentree maakte Exterkate grote stappen. Ze werd Nederlands kampioen bij de junioren A op de 1500 m (op 31 januari) en kwalificeerde zich voor het WK. Ze nam ook deel aan het Olympisch Kwalificatietoernooi, waar ze de krachtige sfeer rondom rijders die strijden om olympische tickets van dichtbij ervaren heeft. Op het WK leverde ze individueel steady prestaties (o.a. negende op de 3000 m en vijftiende op de 1500 m), maar het grootste succes kwam in de ploegenachtervolging: samen met Jasmijn Veenhuis en Mette ten Cate veroverde ze de wereldtitel — veertien maanden na haar terugkeer naar het ijs.
Technisch heeft Exterkate flinke stappen gezet: veel werk aan mobiliteit, diep zitten en terug naar basisbewegingen stond centraal. Haar persoonlijke records dateren nog uit 2020 toen ze dertien was, dus er is ruimte voor snelle verbetering. Waar handbal een gedreven atlete kwijtraakte, won de schaatssport een getalenteerde en mentale veerkrachtige schaatsster die snel van nul naar internationaal succes kon groeien. Met de WK-medaille en nationale titels op zak richt ze zich nu op verdere ontwikkeling en ambities richting grote toernooien over enkele jaren.