WK-ganger van 84 ziet dokter alleen voor de griepprik

dinsdag, 20 januari 2026 (10:41) - Schaatsen.nl

In dit artikel:

In Innsbruck, op de ijsbaan waar Piet Kleine vijftig jaar geleden olympisch goud pakte, verschijnen komend weekend zo’n tachtig Nederlandse masters-schaatsers aan de start van het WK Sprint. De oudste Nederlandse deelnemer is de 84‑jarige Klaas Hulst uit Veeningen (Drenthe). Hulst is al decennialang actief, traint twee keer per week op het superijs van Thialf en rijdt nog 500 meter in 57,64 seconden dit seizoen — niet meer op het niveau van jonge topmasters, maar voor zijn leeftijd ruim respectabel. Voor hem blijft het plezier in de sport belangrijker dan snelle tijden.

Hulst leerde als klein jongetje schaatsen op natuurijs langs het Oranjekanaal en deed later mee aan kortebaanraces. Als volwassene koos hij aanvankelijk voor een loopbaan in het onderwijs en voetbalde tot zijn 39ste in het eerste elftal. Toen dat ophield, vond hij de weg terug naar het ijs. In 1992 richtte hij met vrienden de vereniging IJshazen op; die club telt nu nog zo’n 75 leden. Hij werd schaatstrainer (opgeleid via de KNSB) en raakte zelf in het mastercircuit verzeild toen hij op verzoek meedeed aan een 500 meter en direct op het podium eindigde.

Komende zaterdag en zondag (24–25 januari) rijdt Hulst in Innsbruck het WK Sprint voor masters; het weekend erop (30 januari–1 februari) staat het WK Allround voor masters op het programma in Inzell, waar hij jarenlang met het gezin kerstvakanties doorbracht en veel kilometers op het ijs maakte. Hulst komt uit in de categorie mannen 85; uit de deelnemerslijsten blijkt dat hij in die klasse zowel in Innsbruck als in Inzell de enige deelnemer is — dus bij een nette finish wordt hij formeel als eerste geklasseerd. Zelf wil hij niet overdreven spreken van een wereldtitel, maar erkent wel dat hij een eerste plaats kan noteren.

Zijn levensstijl is actief: schaatsen in de winter, fietsen en skeeleren in de zomer, en groenten uit eigen tuin. Medische zorg beperkt zich grotendeels tot de jaarlijkse griepprik; vallen is geen schrik voor hem — zo mogelijk liever het gras in dan hard op het ijs. Hulst heeft thuis een flinke verzameling medailles, waaronder meerdere gouden, en ziet schaatsen vooral als een gezonde, eerlijke bezigheid die lichaam en geest scherp houdt.